Franse Bulldog Kennel Des Petits Polissons
 U bevindt zich hier: Home arrow Puppy info arrow Opvoeding van een Franse Bulldog

 

Opvoeding van een Franse Bulldog



De pup mag mee naar huis
De eerste nacht
Zindelijk maken
Uitlaten
Socialisatie
Pup en voeding
Bench
Huisregels
Hond alleen thuis
Omgang kinderen
Hondentaal
Trainen van uw pup


De pup mag mee naar huis
Meestal mag een pup rond de 8 á 9 weken mee naar huis. De meeste fokkers geven u het volgende mee:
  • Voedingsinformatie; richtlijnen over wat, hoeveel en wanneer. Meestal krijgt u hierbij een zakje voer waaraan de pup gewend is. Het is verstandig voorlopig dit voer aan te houden.
  • Inentingsboekje; hierin staat vermeldt welke inentingen en dergelijke uw pup heeft gehad.
  • Koopcontract
  • Gezondheidsverklaring van de dierenarts
  • Chipnummer welke bij uw pup hoort
  • Meestal krijgt u ook een knuffel of een doek mee waaraan de ‘nestgeur’ zit.
De stamboom krijgt u vaak nog niet mee, deze kan pas worden aangevraagd als de pups gechipt zijn met 6 á 7 weken. Deze stamboom moet u zo spoedig mogelijk ontvangen.


De eerste nacht
De eerste nacht kan voor een pup erg moeilijk zijn, zo zonder familie. Om dit te vergemakkelijken dient de knuffel of doek welke u van de fokker heeft meegekregen. Persoonlijk hebben wij goede ervaringen om de pup bij u te houden in een bench gedurende de eerste week. Mocht de pup onrustig worden wil een aai of een korte wandeling buiten helpen. Als hij zijn behoefte buiten doet prijst u hem dan uitbundig.
Als de pup gaat janken negeer dit dan, dit kan een manier van aandacht vragen zijn. Negatieve aandacht is tenslotte ook aandacht. Na verloop van tijd zal de pup de nacht doorslapen.
Go to Top

Zindelijk maken
Tijdens het zindelijk maken moet u vooral heel geduldig zijn en een positieve houding, de ene hond zal sneller zijn dan de andere hond. Bij het zindelijk maken gelden de volgende basisregels:
  1. Als de pup ook maar enigszins aangeeft dat hij naar buiten wil, ga dan ook met hem naar buiten. Beloon hem uitbundig als hij zijn behoeftes doet. De manieren van aangeven kunnen verschillen per hond, o.a. drentelen, piepen en voor de deur staan.
  2. Laat hem in ieder geval uit na het slapen, het eten en het spelen. Ook hiervoor geldt, uitbundig belonen.
  3. Wijs hem terecht door middel van een stevig FOEI!! als u hem betrapt in huis. Doe dit alleen als u hem op heterdaad betrapt. Een hond heeft een heel kort geheugen en zal dus niet weten waar u hem voor straft wat negatieve gevolgen kan hebben voor het zindelijk maken. Tevens is het niet aan te raden hem met zijn neus door zijn uitwerpselen te halen, dit heeft geen enkele meerwaarde.
Mocht de pup onverhoopts wat in huis hebben gedaan ruim dit dan zo snel mogelijk op en maak de plek reukloos. Dit om te voorkomen dat de hond dit als zijn vaste ‘WC’ gaat zien.
Als de pup moeilijk zindelijk wordt kun je ervoor kiezen hem na 20.00 geen drinkwater meer te geven.


Uitlaten
De lijn waarmee u de pup naar buiten neemt moet niet te zwaar zijn, het beste kunt u een zogenaamde puppylijn aanschaffen. Deze kunt u bij de halsband ook verstellen in verband met de groei van uw pup. De pup zal in het begin ook niet gewend zijn aan de lijn te lopen en zal waarschijnlijk stil blijven staan. Sleur de pup op dat moment niet mee maar probeer hem mee te lokken. Dit kan door wat lekkers mee te nemen tijdens de wandeling. Zelf hebben wij wel eens op de stoep gelegen om hem enkele stappen te laten zetten. Ook is het mogelijk de lijn los te laten en hem achter de pup aan te laten slepen, ongemerkt pakt u op een gegeven de lijn op.

Zoals hierboven ook gezegd is het erg belangrijk hem in het begin veel uit te laten. In ieder geval na het eten, spelen en slapen. Maak de wandelingen in het begin niet te lang, de pup is nog jong en ook zijn conditie zal opgebouwd moeten worden. Laat hem in het begin niet uit op plekken waar veel andere honden komen, dit omdat hij nog niet volledig is ingeënt.

Naast zijn conditie moet u ervoor waken dat hij niet teveel springt, trap loopt en dergelijke. De pup is nog in zijn ontwikkelingsfase en ook zijn gewrichten moeten zich nog ontwikkelingen.
Go to Top

Socialisatie
Voor een goede socialisatie van een pup zijn de eerste 12-13 weken erg belangrijk. Een belangrijke basis wordt al gelegd bij de fokker. Een fokker laat de pup in de eerste 8 á 9 weken van zijn leven kennismaken met het huishoudelijke leven, de geuren en de andere honden van de fokker.
Voor de overige socialisatie bent u verantwoordelijk, u moet hem laten wennen aan de maatschappelijke aspecten. Alleen op die manier krijgt u een vrolijk, ongedwongen en spontane hond. Ga bijvoorbeeld met hem de stad in, de markt over. Laat hem wennen aan een denderende trein, vrachtverkeer, liften en dergelijke. Maximaliseer de nieuwe indrukken tot 2 á 3 per dag en houdt deze kort, herhaling is belangrijk.
Laat de pup pas na al zijn inentingen, de derde en tevens laatste krijgt hij met 12 weken, met andere onbekende honden spelen. Wel is het goed om de pup met andere honden in aanraking te laten komen welke u kent en waarvan u weet dat zij voldoende zijn ingeënt en vriendelijk zijn tegen pups.


Pup en voeding
Pups krijgen een speciaal menu vanwege hun ontwikkelingsfase. Meestal krijgt u een zakje van het voer waaraan de pup gewend is mee van de fokker. Tevens ontvangt u van de fokker aanwijzingen over de hoeveelheid, volg verder de aanwijzingen op de verpakking. Gemiddeld hebben pups van twee maanden 4 tot 5 maaltijden per dag nodig, met drie maanden 3 maaltijden en met een half jaar tot een jaar twee maaltijden.


Bench
Dit zijn inklapbare, metalen hondenkenneltjes welke gemakkelijk verplaatst kunnen worden. Zij zijn erg praktisch als slaapplek maar ook als ‘veilige’ plek voor een pup waar hij zijn rust kan vinden. Mocht u even weg moeten kunt u hem hier veilig inlaten. Zorg wel voor voldoende water en speeltjes.


Huisregels
Ieder huishouden kent zijn regels en de pup moet deze ook leren. Van nature kent een hond een roedel en uw huishouden wordt dit ook met de baasjes als hoofd van de roedel. Het is belangrijk een dergelijk overwicht te krijgen en te behouden op uw hond. Dit houdt in dat u, en uw gezinsleden, consequent moeten zijn in wat de hond wel en niet mag. Het is verstandig de regels samen met uw gezinsleden op te stellen voordat de pup in huis komt en de pup hier gelijk mee te confronteren. Zo heeft de pup geen kans om ‘slechte gewoonten’ te ontwikkelen.
Go to Top
Geef de pup wel de kans om zich te ontwikkelen. Het is onmogelijk te wensen dat uw hond de regels binnen vier weken kent, het is en blijft voorlopig een pup. Ook hierbij komt een hoop geduld kijken.


Hond alleen thuis
Een hond is niet graag alleen thuis, omdat hij deel uit wil maken van het gezin/roedel. Door oefening is het mogelijk een hond te leren alleen thuis te zijn. Het is erg belangrijk dat u hier aandacht aan besteed, want een hond met verlatingsangst kan o.a. dingen gaan vernielen, onzindelijkheid vertonen, blaffen en janken. Hoe goed een hond alleen kan zijn of hoe goed hij dit kan leren is afhankelijk van het karakter van de hond. Persoonlijk hebben wij goede ervaringen om de pup op zijn ‘veilige’ plek neer te leggen, meestal zijn bench en dan te vertrekken. De eerste keer blijft u 5 minuten weg en dit bouwt u langzaam op. Hierbij is het van belang dat u wacht totdat de pup stil is, mocht hij gaan janken. Het is mogelijk dat hij uw terugkomst in verband brengt met zijn janken en dan wordt er een vorm van negatieve aandacht ontwikkelt. Als u de hond uit zijn bench haalt begroet u hem zo normaal mogelijk om hem te laten zien dat er niks vreemds aan is dat u weggaat . Bestraf de hond nooit als u vernielingen of de gevolgen van onzindelijkheid aantreft. Hij zal uw thuiskomst gaan associëren met straf en op deze manier ontwikkeld de hond verlatingsangst. Hiermee bereikt u dus het tegenovergestelde.

The Kong Family Flostouw Nylabone -  Double Action Dental Chew



Overige tips in het kader van het leren alleen zijn:

  • Geef uw hond speelgoed dat speciaal bedoeld is om de hond zich in zijn eentje te laten vermaken. Bijvoorbeeld een KONG of een Activity Ball. Deze speeltjes kunt u vullen met lekkers, zodat uw hond zich niet hoeft te vervelen. Door zich te concentreren op het bemachtigen van het lekkers heeft hij ook minder "de tijd" om zich druk te maken over het feit dat hij alleen is!
    Ook een Nylabone is een aanrader. Nylabones zijn kluiven voor puppies en volwassen honden en zijn verkrijgbaar in verschillende hardheden en formaten voor langdurig kauwplezier.
  • Wanneer uw hond al zenuwachtig wordt als hij denkt dat u straks weggaat (bijvoorbeeld wanneer u uw sleutels pakt, uw jas aan doet e.d.) doe dan regelmatig alsof u weggaat zonder het echt te doen. Trek uw jas aan en even later weer uit. Pak regelmatig uw sleutels op, loop naar de voordeur en kom weer terug. Door dit regelmatig te doen leert u uw hond om minder gevoelig op dit soort signalen te reageren. Besteed geen aandacht aan het gedrag van uw hond tijdens dit soort oefeningen.

Omgang met kinderen
De Franse Bulldog is een prima speelkameraadje voor kinderenKleine kinderen – of ze nu tot uw gezin behoren of op bezoek komen – moet u nooit alleen bij een hond laten. Ook niet bij een pup! En hond blijft een hond en kan soms heel anders reageren op het gedrag van een kind dan u verwacht. Zorg dat u altijd een oogje in het zeil kunt houden om in te grijpen. Uiteraard voorkomt u dat een kind de hond plaagt. Kinderen bedoelen dat meestal niet zo, maar voor de jonge hond en vooral de heel jonge pup kan het een trauma opleveren, dat hij zijn hele leven niet meer vergeet. Om deze laatste reden is het ook beter, dat u de kinderen niet met de hond buiten laat lopen zonder uw toezicht. Kinderen moeten leren dat, als de hond op zijn plaats ligt zij hem met rust moeten laten. De hond op zijn beurt moet leren dat speelgoed van de kinderen niet van hem is en dat hij niet ongevraagd “mee”mag spelen. Loopt hij rond met speelgoed, ruil het dan met een van zijn eigen speeltjes of een bot. Sommige pups hebben de neiging kinderen (en ook volwassenen) tijdens het spel te bijten. De tandjes zijn klein maar vlijmscherp en leuk is dit niet. Voor dit een gewoonte wordt, moet u hem dit afleren. Op het moment dat hij bijt pakt u onmiddellijk zijn onderkaakje, vouwt zijn lippen naar binnen over zijn tandjes en drukt zo zachtjes zijn lip in zijn tanden. Hierbij zegt u op scherpe toon “FOEI”. En tik op de rug van de neus vergezeld van het woord “FOEI” helpt ook deze nare gewoonte af te leren. Andere huisdieren moeten door de pup worden genegeerd. U mag niet toestaan , dat hij achter uw poes of kippen aangaat! Niet in huis en ook niet buitenshuis. Als u daar onmiddellijk na aankomst van de pup mee begint zal dit verder geen problemen geven. Hij is dan nog te klein om sneller dan u te zijn. Zodra hij aanstalten maakt achter een ander dier aan te gaan jagen, verbiedt u dit met een scherp “NEE”. Stopt hij zijn actie, dan wordt hij uitbundig geprezen. Gaat hij door dan moet u er achteraan en het hem beletten. Afleiding of hem ergens anders neerzetten waar hij deze streken niet uit kan halen, zonder dat u kunt ingrijpen, voorkomen dat deze gewoonte zich kan ontwikkelen.
Go to Top

Hondentaal
Begrijpt u wel, dat de hond in principe de inhoud van een woord niet begrijpt. Als u bijvoorbeeld het commando “ga”gebruiken wilt om de hond bij u te roepen, dan kan dat! Het lijkt ons alleen niet zo logisch. De hond zal er geen moeite mee hebben, maar u des te meer. Uw leven lang bent u eraan gewend, dat bij het woord “ga”iemand van u vandaan gaat in plaats van op u af komt. Elke keer als u de hond roept, zult u eerst moeten bedenken welk woord u daarvoor ook alweer had bestemd. Dit is een van de redenen, dat de meeste bevelen aan honden door iedereen hetzelfde worden gekozen. Daarnaast wint het bevel aan kracht als het uit één lettergreep bestaat. En het ene woord mag qua klank niet op het andere lijken. U kunt uw hond bijvoorbeeld beter niet de naam “blaf”geven, want dat lijkt teveel op “af”. Bij het geven van een naam moet ook gelet worden op de reeds bestaande namen in het gezin. Voor een hond klinken “Hobby” en “Tommie” hetzelfde. Wat zijn nu die magische woorden, waar u uw hond mee kunt manen?
  • Af: dit gebruikt u als u wilt dat uw hond gaat liggen
  • Zit: dit gebruikt u als u wilt dat uw hond gaat zitten
  • Plaats: dit gebruikt u als u wilt dat uw hond thuis op zijn eigen plaats gaat liggen
  • Blijf: dit is een ondersteuning voor de 3 bovengenoemde commando’s
  • Kom hier: dit is duidelijk, u wilt dat de hond bij u komt
  • Volg: hier bedoelt u mee, dat de hond naast u meeloopt, zowel los als aan de lijn
  • Aan de voet: om de hond duidelijk te maken, dat u wilt dat hij zich aan uw linkerkant opstelt
  • Sta: nu wilt u dat de hond stil blijft staan. Is handig bij de dierenarts en op tentoonstellingen
  • Foei: dit zegt u hard en scherp als de hond iets doet wat u beslist nooit wilt toestaan
  • Nee: dit zegt u luid en duidelijk als de hond iets doet wat nu niet kan, maar in een andere situatie misschien wel. Het is dus niet zo’n onverbiddelijk bevel als “foei”.
  • Goed zo ! Brave hond !: dit zijn geen bevelen, maar prijzende lovende woorden. Het doet er dan ook niet zoveel toe wat u zegt. C’est le ton qui fait la musique, ofwel het gaat om de toon waarop u iets zegt. U moet BESLIST NIET HARDER gaan praten of schreeuwen als u de hond een bevel geeft. Ook niet als u boos op hem bent! In dat geval dient hij uit de manier waarop u iets zegt op te kunnen maken, dat u meent wat u zegt. Uw gewone dagelijkse manier van spreken zal uitstekend voldoen.
Go to Top
Trainen van uw pup
Tussen de zes en negen maanden kan uw teef loops worden, zij verliest dan bloed gedurende ca. 12 dagen. De loopsheid zelf duurt echter 21 dagen en deze hele periode moet u haar goed in de gaten houden. Aan de lijn uitlaten en niet alleen in de tuin als daar andere honden bij kunnen komen. Het karakter van een loopse teef kan iets veranderen. Vaak zijn ze wat nukkig. Sommige willen meer aandacht, andere zijn wat sloom. Als uw hond deze gedragingen vertoont kunt u de training beter even onderbreken tot de loopsheid over is.

Opvoeding en training lopen in wezen in elkaar over. Als u thuis uw pup leert, dat hij op zijn plaats moet blijven, bent u ook bezig met “AF”commando voor buiten of op visite. Opvoeding gaat spelenderwijs, zo tussen de bedrijven door. Het trainen van de hond gebeurt planmatiger. U trekt hier echt tijd voor uit. Doe dat niet als uw hoofd er niet naar staat. Of als uw hond er duidelijk geen zin in heeft. Zodra u dat merkt besluit u de training met een oefening die hij kent en leuk vindt. Die oefening moet hij dan ook goed doen, waarna – alvorens naar huis te gaan – wat met hem speelt. Geef hem geen eten voor u met hem gaat wandelen of gaat trainen. U gaat toch ook niet joggen met een volle maag? Hou de lessen kort, bedenk dat u van een pup maar heel kort geconcentreerde aandacht kunt verlangen.

Zitten:
Zitten leert uw hond door met uw ene hand op een zijflank van de hond te drukken, waarbij uw andere hand op zijn borst voorkomt, dat hij bij u vandaan loopt. Terwijl u (zachtjes) op die flank drukt, zegt u “ZIT”. Als hij zit, houdt u uw hand een korte poos op zijn zitvlak om hem opstaan te beletten, terwijl u hem prijst. Dit herhaalt u enige malen per dag. Zodra u merkt, dat u geen druk meer op de flanken hoeft uit te oefenen, maar de hond al reageert op alleen uw hand daar, kunt u proberen allen het woord “ZIT” te zeggen. Gaat hij dan zitten, dan prijst en beloont u hem uitbundig. Buitenhuis vervangt de lijn de hand op de borst. U drukt met uw linkerhand op een flank van de hond en trekt met de andere hand de lijn omhoog, terwijl u “ZIT” zegt.
Go to Top
Afliggen:
Van de zitpositie is het nog maar 2 poten naar beneden naar de “AF”positie. Zodra de hond kan zitten, leert u hem “AF “ te gaan. (hij begrijpt de figuurlijke betekenis gelukkig niet en zal er dus geen minderwaardigheidscomplex aan overhouden). U beveelt de hond te gaan zitten, waarna u door uw arm onder zijn voorpoten door te steken, deze – naar u toe – onder hem uittrekt. U ‘schept’ hem als het ware op de grond. Terwijl u dit doet, zegt u “AF”. Al strelend zorgt u er vervolgens voor dat de hond, terwijl hij “AF”ligt geen poot meer aan de grond kan krijgen. Als hij overeind probeert te krabbelen, zegt u ferm “AF” en drukt hem weer op de grond. U kunt ook uw voeten op zijn lijn zetten. Sommige honden zijn ware komedianten en wringen zich in alle bochten of gaan op hun rug liggen. U stoort zich daar voorlopig even niet aan, hij ligt “AF” en daar was het u om te doen. Als u zijn gedrag negeert, houdt hij met die malligheid van zelf op. Na enige oefening merkt u, dat de hond al door zijn knieën zakt als u uw handen uitsteekt naar zijn voorpoten. Dit is het moment om uw handen voortaan thuis te houden. Vergezeld van het woord “AF” houdt u uw hand (met de palm naar beneden gekeerd) laag bij de grond voor zijn neus, en zie daar………uw hond gaat af! (Een verscholen hondenbrokje in uw hand, dat u op de grond legt, doet ook wonderen). U beloont en prijst hem natuurlijk uitgebreid, maar zorg dat hij eerst even “AF” heeft gelegen. U gaat n de eindjes aan elkaar knopen en brengt de hond naar zijn vaste plaats in huis. Omdat hij nog klein is, draagt u hem de eerste keren hier naar toe en zet hem neer. Na vervolgens het “AF” commando gegeven te hebben, voegt u hier het woord “PLAATS” aan toe. Wedden , dat hij, zodra u uw rug keert, opstaat om u achterna te lopen? U begint van voren af aan en brengt hem – onmiddellijk- weer terug. U laat duidelijk blijken, dat het u ernst is. U wilt, dat hij daar blijft, zegt weer “AF” en - nu iets scherper – “PLAATS”. Dit herhaalt u tot hij op zijn plaats blijft. U kunt hem in het begin hier niet voor prijzen, want dan komt hij waarschijnlijk weer van zijn plaats. U moet deze eerste oefeningen daarom ook niet te lang laten duren. Laat hem bijvoorbeeld 10 minuten liggen en ga hem dan halen om wat met hem te spelen. Natuurlijk niet doen als hij net in slaap is gevallen! (Geen slapende honden wakker maken.)

Blijven (Staan):
Het commando “STA” kunt u oefenen als u de pup zijn borstelbeurt geeft. U zet de hond op zijn vier poten, waarna u met uw ene hand op zijn buik kriebelt, terwijl de andere met de borstel over zijn rug aait. Onderwijl herhaalt u af en toe het woord “STA”. Niet te vlug achter elkaar zeggen, dan gaat de klank voor hem verloren. Ook hier is het weer een kwestie van geduldig herhalen tot de pup begrijpt wat de bedoeling is. U mag hem gerust prijzen als hij ‘mooi’ blijft staan. Geef hem na de borstelbeurt een hondenkoekje. Het is verbazend hoe vlug ze weten dat er na de borstelbeurt iets lekkers wacht. Het commando “BLIJF” is eigenlijk een overbodig iets. Als je zit, ergens afligt, staat of op een plaats moet blijven liggen “BLIJF” je namelijk al. Toch is het een nuttig ondersteunend commando. Uit de klank ervan schijnt menige hond te begrijpen , dat het de baas ernst is. U kunt het in toegevoegde zin gebruiken bij de bovenstaande oefeningen.
Go to Top
Volgen aan de riem:
Met het volgen aan de lijn begint u pas als de hond volledig aan het lopen aan de lijn gewend is. Maar u moet hiermee niet wachten tot hij zo sterk is geworden, dat hij uw arm uit de kom begint te trekken! U heeft hier ook wat speciaal gereedschap voor nodig. De zogenaamde slip/wurgketting. Een wat beladen woord, maar echt, het kan geen kwaad. Het is een halsband van metalen schakels, die aan ieder eind een ronde ring heeft. Door de schakels nu door een van de ringen te halen heeft u een halsketting. Deze doet u om de nek van de hond, waarbij het van essentieel belang is, dat u de (leren) lijn bevestigd aan de ring die uit de schakels steekt. Anders werkt het slipprincipe niet. Aldus uitgerust laat u de hond naast uw linkerbeen zitten. Vervolgens noemt u zijn naam, zodat hij naar u opkijkt en zegt “VOLG”. U stapt weg met uw linkerbeen ( dit is het been waarnaast de hond normaal loopt). Zodra de hond nu gaat trekken en ‘in de lijn’ gaat hangen, geeft u een korte ruk aan de lijn en beveelt opnieuw “VOLG”. De slipketting snoert de keel van de hond dicht, zodra hij begint te trekken. Loopt hij echter naast u, dan moet u zorgen dat de lijn lang genoeg is om slap tussen u en de hond in te kunnen hangen. Mits de slipketting goed is omgedaan, zal de druk om de hals van de hond afnemen. Elke dag eventjes serieus oefenen zal maken, dat u geen hond heeft die u overal heen sleurt. Bochten naar links en naar rechts maken uw hond attent. In het begin praat u hem me. Zolang zijn staartje vrolijk kwispelt weet u dat hij er plezier in heeft. Zorg dat hij het leuk blijft vinden en oefen dus niet te lang. Niemand loopt immers graag met een ‘geslagen’ hond naast zich. Voor alle zekerheid: er bestaan ook van dit soort kettingen met grote puntige pennen eraan. Die bedoelen we absoluut niet! Ze zijn levensgevaarlijk, zowel voor de hond als voor eventuele andere honden en uw kinderen. ‘Prikbanden’ heten deze ondingen.

Komen op bevel:
Een van de belangrijkste oefeningen is het ‘komen op bevel’. Een hond die gehoorzaamt als hij geroepen wordt is een plezierig bezit. Niet alleen voorkomt het ergernis. Bedenk maar eens hoe boos u wordt als die …hond weer niet komen wil en u dus te laat bent voor uw afspraak. Het voorkomt ook, dat hij in gevaarlijke situaties terecht komt. U kunt hem op tijd terugroepen voor hij van plan is de straat over te steken. Of als u ziet dat er gevaar dreigt. En bovenal loopt u geen gevaar gefrustreerd te raken, want een hond die niet komt, mag u niet straffen als hij uiteindelijk genegen is te luisteren! Als u dat doet, straft u hem voor het uiteindelijk komen en u kunt misschien wel raden welke moeilijkheden u dan te wachten staan. Hoewel we deze oefening als laatste hebben bewaard, is het ‘komen op bevel’ een van die dingen, waar u niet vroeg genoeg mee kunt beginnen. De basis legt u thuis: in de eerste dagen na de aankomst van de pup. U zorgt ervoor, dat het komen bij de baas een feest op zich is.

Vaak worden bij Kynologische Verenigingen bij u in de buurt puppycursussen gegeven. Op een dergelijke cursus speelt socialisatie een grote rol en leert u de basisbeginselen. Vaak kunt u met uw hond nog een vervolgcursus doen zodat u uw kennis en de kennis van uw hond uitbreidt.
Go to Top


<< Aanschaf Franse Bulldog - Huisdier chippen >>

Puppy info