Franse Bulldog Kennel Des Petits Polissons
 U bevindt zich hier: Home arrow Gezondheid & verzorging arrow Oogproblemen bij honden

 

Oogproblemen bij honden


Ogen van de Franse Bulldog, zoals in de rasstandaard beschreven:

Opgewekte uitdrukking, laag geplaatst, ver genoeg geplaatst van de snuit en vooral van de oren, donker gekleurd, tamelijk groot, goed rond, licht puilend en laten op geen enkele manier wit zien als het dier naar voren kijkt. De randen van de oogleden moeten zwart zijn.

Cararact (Staar)
Entropion & Ectropion
Progressieve Retina Atrofie (P.R.A.)
Droge ogen
Distichiasis
Conjunctivitis
Derde Ooglid - Cherry eye
Lensextractie & Lensimplant
Normale variatie van de oogfundus
Pannus
Tranende ogen
Afsluiting van de traanpunten
Traanstreepvorming
Glaucoom


Cararact (staar)
Als uw Franse Bulldog, of hond in het algemeen, niet goed meer lijkt te zien, als hij tegen alles wat in zijn weg staat aanloopt en als zijn pupil niet meer zwart is, maar wel witachtig, dan is de kans dat uw Franse Bulldog cataract (staar) heeft erg groot.

Wat is cataract?
In het oog van de Franse Bulldog bevindt zich een soepele lens die van vorm kan veranderen om het licht zoals het hoort op het netvlies te vocaliseren. Op die manier kan de Franse Bulldog zijn zicht aanpassen om zo de verschillende voorwerpen te identificeren die zijn pad kruisen en ook de objecten die zich verderaf bevinden. Om perfect te kunnen zien, moet de kristallens totaal transparant zijn. Maar naarmate een Franse Bulldog ouder wordt, gaat de kristallens dikker worden en verouderen waardoor hij almaar meer troebel wordt. De pupil van het hondenoog, die doorgaans zwart van kleur is, vertoont dan blauwachtige reflecties en wordt daarna hoe langer hoe witter. Naarmate dat proces vordert, gaat de Franse Bulldog minder goed zien en stilaan blind worden. Dat is op zich een normaal verschijnsel, maar soms is het dat ook niet. Dat is bijvoorbeeld het geval wanneer de kristallens dikker wordt op een willekeurige leeftijd.

De oorzaken van cataract
De meest voorkomende oorzaak van cataract bij de Franse Bulldog en honden in het algemeen is de veroudering van de kristallens wanneer het huisdier een hogere leeftijd bereikt. De aandoening evolueert traag, het kan verschillende maanden tot jaren duren, maar meestal begint cataract op de leeftijd van zeven à negen jaar. Staar kan evenwel ook voorkomen bij jonge honden van zes maanden tot één jaar. In dat geval is cataract erfelijk en sommige hondenrassen hebben er vaker last van dan andere: Afghaanse windhonden, Amerikaanse cockers, Duitse schepers, Siberische husky's en poedels. Andere rassen hebben dan weer last van erfelijk cataract, dat van bij de geboorte aanwezig is, zoals de Bostonterriër en de westie. Dit soort staar tast meestal slechts een deel van de kristallens aan.
Cataract kan ook optreden bij slecht gecontroleerde diabetes wanneer suikerziekte -waarbij het glucosegehalte in het bloed te hoog is- voor een verhoogde glucoseconcentratie ter hoogte van de ogen zorgt. Dat uit zich door de transformatie van glucose in sorbitol in de kristallens waardoor die troebel wordt. Dit soort staar treedt bijzonder snel op. Tenslotte kunnen ook traumata of ernstige ontstekingen resulteren in een meer troebele lens.

De behandeling van cataract
Bij oudere Franse Bulldoggen en honden in het algemeen met ouderdomsstaar kan de evolutie van de ziekte vertraagd worden met een siroop met aminozuren. De enige doeltreffende behandeling van cataract is evenwel een chirurgische ingreep, maar die wordt zelden voorgesteld bij oudere honden omdat bij de operatie vaak verwikkelingen optreden en ook omdat de honden nog een comfortabel leven kunnen leiden met cataract, ook als ze minder goed kunnen zien.
Bij jongere Franse Bulldoggen en honden in het algemeen bestaat de behandeling uit het aanpakken van de oorzaak om ervoor te zorgen dat de ziekte verder evolueert.
Erfelijk cataract tenslotte kan soms spontaan verdwijnen zodat de Franse Bulldog een bijna normaal zicht heeft. Cataract bij kleine hondjes kan overgaan wanneer de lens groeit zodat de hond als hij volwassen is een normaal zicht heeft.
Go to Top

Entropion & Ectropion
Door de fokkerij zijn er Franse Bulldoggen en honden in het algemeen ontstaan die qua oogvorm afwijken van de wolf. Die steeds verder gaande afwijkingen hebben een toenemend aantal oogaandoeningen tot gevolg gehad. Het gaat dan vooral om problemen die zich in de omgeving van het oog afspelen. Voorbeelden daarvan zijn entropion en ectropion. Entropion en ectropion zijn afwijkingen van de stand van de oogleden. Deze afwijkingen zijn erfelijk en correleren vaak met huidrimpels en uitgezakte oogleden. Rassen met opvallende oogrimpels hebben er meer last van. De Franse Bulldog kan ook last krijgen van entropion of ectropion.

Entropion is een misvorming van de oogleden waarbij deze aan de buitenrand naar binnen krullen. Het kan zowel het bovenste als het onderste ooglid betreffen. Door de misvorming komen de oogharen of de vacht (bij de Franse Bulldog en honden in het algemeen bevinden zich geen oogharen op het onderste ooglid) voortdurend in contact met het hoornvlies. Daardoor ontstaan er irritatie en traant het oog constant. De hond kan daar heel wat ongemak van ondervinden.
Een Franse Bulldog of hond in het algemeen kan erfelijke entropion hebben, maar de aandoening kan ook reflexmatig ofwel ‘spastisch’ van aard zijn of verkregen zijn.
Verschil tussen Entropion en EctropionErfelijke entropion komt voor bij talloze hondenrassen, vooral bij de Chow Chow en de Shar-pei. Wie een pup van een dergelijk ras koopt, zal zich dus moeten realiseren dat er een operatieve ingreep voor nodig is om de afwijking te corrigeren.
Reflexmatige ofwel spastische entropion is het gevolg van een hevige oogpijn waarbij een samentrekking van de kringvormige spier van de oogleden optreedt. Dit kan komen door een zweer op het hoornvlies, door een vreemd voorwerp in het oog, door keratitis (ontsteking van het hoornvlies) of door chronische bindvlies- ontsteking. Verkregen entropion kan worden veroorzaakt door een slecht uitgevoerde ooglidoperatie of door niet ongedaan te maken spastische entropion.

Bij ectropion gebeurt het tegenovergesteld als bij entropion: het onderste ooglid zakt uit of krult naar buiten. Dit is vooral goed waarneembaar bij de Bloedhond. Door het uitzakken van het ooglid komt het bindvlies tevoorschijn, dat zodoende aan allerlei invloeden van buitenaf wordt blootgesteld. In de meeste gevallen gaan de ogen tranen en ontstaat er bindvliesontsteking.
Ectropion kan erfelijk zijn of worden verkregen. Erfelijke ectropion wordt vooral aangetroffen bij honden met een ruim vel, dus met losse huidplooien (de Franse Bulldog, de Bloedhond, de duitse dog en de Sint Bernard). Eén en ander brengt de kenmerkende verdrietige gezichtsuitdrukking teweeg.
Omdat het onderste ooglid het oogvocht niet kan tegenhouden, hebben zulke honden veel last van tranende ogen. Het bindvlies wordt rood en raakt ontstoken omdat stof, wind, enz. vrij baan hebben.
Verkregen ectropion is het gevolg van een ernstig litteken op het onderooglid dat is ontstaan na een ongeluk of na een correctie van entropion. Ook voor ectropion geldt dat een operatieve ingreep de afwijking kan opheffen. In de meeste gevallen zal echter alleen worden geopereerd als er sprake is van een extreem geval van ectropion. Veel honden verdragen namelijk zonder problemen een lichte vorm van ectropion. Het komt ook voor dat entropion samengaat met ectropion. Dit is vooral het geval bij de Sint Bernard, de Bloedhond en de duitse dog. Voor het opheffen van deze situatie is een zeer ingewikkelde operatie nodig.
Go to Top

Progressieve Retina Atrofie (P.R.A.)
De erfelijke Progressieve Retina Atrofie (PRA) is een verzamelnaam voor een groep erfelijke netvlies- degeneraties. Er zijn twee typen lichtgevoelige cellen in het netvlies, namelijk de staafjes en de kegeltjes. De staafjes dienen vooral voor het zien bij weinig licht ('s avonds). De kegeltjes dienen vooral voor het zien bij veel licht (overdag) en voor het kleuren zien. De Franse Bulldog en honden in het algemeen hebben voor het overgrote deel staafjes.

De staafjes en kegeltjes zijn niet gelijk verdeeld over het netvlies. In het centrale gebied, vlak bij de papil (blinde vlek) liggen verhoudingsgewijs nog de meeste kegeltjes. Perifeer, aan de rand van het netvlies, liggen bijna uitsluitend staafjes.

Worden de staafje of kegeltjes reeds voor de geboorte afwijkend aangelegd, dan spreek men van dysplasie. Degenereren (vervallen) zij in het latere leven, dan spreken we van atrofie.

Atrofiëren de kegels eerst, dan wordt dit voorafgegaan door Pigment Epitheel Dystrofie (PED). Atrofiëren de staafjes het eerst, dan zal eerst nachtblindheid (oude benaming: gegeneraliseerde PRA) optreden.
Zijn de staafjes en de kegels beiden geheel geatrofieerd, dan is het dier geheel blind. Dit proces treedt aan beide ogen tegelijk op en verloopt beiderzijds in gelijk tempo.

De beide vormen zijn dus:
  • Pigment Epitheel Dystrofie of PED (oude benaming: dag-, tunnel- of centrale PRA (CPRA)
  • Nachtblindheid (oude benaming: gegeneraliseerde of perifere PRA)

PED wordt gekenmerkt door het optreken van pigmentophopingen in het pigmentepitheel van het netvlies. In een wat verder gevorderd stadium van de ziekte gaan de kegeltjes degenereren. De Franse Bulldogen of honden in het algemeen gaan hierdoor, zo tussen de leeftijd 3 tot 5 jaar, overdag duidelijk minder goed zien. Uiteindelijk worden meestal ook de staafjes aangetast en worden de meeste Franse Bulldogen of honden in het algemeen tussen de 5e en 9e levensjaar geheel blind. PED komt echter zelden voor, met uitzondering van PED bij het hondenras de Briard.

PRA-nachtblindheidsvorm. Verreweg de belangrijkste vorm van PRA is de nachtblindheids vorm; deze kan in minstens vijf typen worden onderverdeeld, maar voor de fokker of eigenaar is het onderscheiden van twee groepen het belangrijkste:

  • Snel toenemende en op jeugdige leeftijd optredende blindheid. Dit komt doordat de staafjes en eventueel ook de kegeltjes al direct verkeerd zijn aangelegd (= dysplasie), gevolgd door degeneratie (=atrofie). De nachtblindheid treedt dan al op vanaf een leeftijd van 8 tot 12 weken. De honden worden op 1-2 jarige leeftijd blind. Deze vorm is vastgesteld bijvoorbeeld bij Setters, Collies, Dashond en Noorse Elandhond (dysplasie alleen van staafjes)
  • Langzaam toenemende en op 5-10 jarige leeftijd intredende blindheid. Hierbij zijn de staafjes en kegeltjes normaal aangelegd, gevolgd door een vrij snel verlopende atrofie. Deze vorm komt voor bij de Dwergpoedel, Amerikaanse en de Engelse Cocker Spaniel en zeer veel andere hondenrassen, waarvan nog niet nauwkeurig bekend is welke cellen het eerste afwijkend zijn of worden (hiervoor zijn proefparingen en oogsecties noodzakelijk). De nachtblindheid begint bij deze dieren op 2-5 jarige leeftijd. De dieren worden uiteindelijk geheel blind op een leeftijd van 5-10 jaar.
Go to Top
Wat is er aan te doen?
Er is geen therapie bekend om het proces te voorkomen, stoppen of genezen.

PRA bij de Franse BulldogErfelijkheid
Even in het kort, anders wordt het te ingewikkeld........ PRA wordt autosomaal (niet geslachtgebonden) enkelvoudig recessief overerft. Dat wil zeggen, dat honden met PRA (lijders) de eigenschap van de vader èn de moeder moeten hebben geërfd. Waren de ouders zelf niet blind, dan moeten zij dus op zijn minst dragers van het PRA-eigenschap zijn. In een groot nest uit een dergelijke combinatie zijn enkele pups met PRA te verwachten. Bij de verdeling "volgens het boekje" zijn in zo'n nest 25% lijders, 50% dragers en 25% vrije nakomelingen te verwachten.

Heeft de vader of moeder zelf PRA, dan valt te verwachten dat 50% van de nakomelingen blind wordt en de rest van de nakomelingen dragers zijn. Deze verdeling volgens het boekje gaat overigens lang niet altijd op! Vier of vijf zoons of dochters komen in één gezin tenslotte ook voor!! Deze gemiddelde verdelingen gaan beter op bij grote aantallen.
Blinde dieren (lijders van PRA) dienen te worden uitgesloten van de fokkerij. Beide ouderdieren van een lijder zijn ten minste drager en dienen ook uitgesloten te worden van de fokkerij. Kinderen van een lijder aan PRA zijn op z'n minst drager en dienen ook uitgesloten te worden van de fokkerij. Broertjes en zusjes van een lijder aan PRA lopen meer dan 50% kans drager te zijn van PRA. Het fokken met de broertjes en zusjes van een lijder brengt dus grote risico's met zich mee. Het is daarom veel veiliger ook de broertjes en zusjes van een lijder aan PRA niet te gebruiken voor de fokkerij.

Onderzoek naar P.R.A.
Je kunt je hond op PRA laten onderzoeken bij één van de dierenartsen, aangewezen door de afdeling G.G.W. van de Raad van Beheer. Deze dierenartsen werken regionaal verdeeld over Nederland.
Nogmaals, PRA komt gelukkig nog maar zeer zelden voor bij de Franse Bulldog, maar meer en meer fokkers willen toch zekerheid hebben en laten hun fokdieren op PRA onderzoeken. Dit onderzoek kan pas plaatsvinden als de hond minimaal 1 jaar oud is. Pas na 5/6 jaar kan een Franse Bulldog definitief PRA-vrij verklaard worden.
Go to Top

Droge ogen
Onder Droge ogen, ook wel genoemd verminderde traanproductie/Keratoconjunctivitis (KCS), wordt verstaan de verschijnselen die ontstaan door het uitdrogen van het hoornvlies of bindvlies. Hierdoor ontstaan droge ogen bij de Franse Bulldog, of hond in het algemeen. De aandoening wordt veroorzaakt doordat er onvoldoende traanvloeistof wordt aangemaakt of doordat de traanvocht/traanfilm van onvoldoende kwaliteit is door onder andere aangeboren afwijkingen, trauma, ontstekingen (van de traanklieren, maar soms ook van het oor) of gebruik van bepaalde medicijnen. Vaak kan de onderliggende oorzaak niet meer gevonden worden.

Symptomen
Bij KCS vertoont het oog ontstekingsverschijnselen als roodheid, zwelling en pijnlijkheid en bestaat er slijmerige, vaak dikke, pussige uitvloeiing. Als de aandoening al langer bestaat kunnen ook meer chronische veranderingen gezien worden, zoals oedeem (wit/blauwe waas), donkere pigmentatie, ingroei van kleine bloedvaatjes en beschadigingen van het hoornvlies. Opvallend is dat de bij andere ontstekingen/irritaties voorkomende natte haren en traanstrepen rond de ogen, bij KCS ontbreken. Ook de neusspiegel en mond kunnen soms een droog aspect vertonen.

Diagnostiek
Meten van traanproductie bij een hondDe diagnose KCS wordt op basis van de symptomen vermoed en bevestigd door het meten van de traanproduktie. Dit meten gebeurd met behulp van een filtreerpapieren stripje, dat gedurende korte tijd tussen oog en (onder)ooglid wordt aangebracht.

Therapie
Behandeling richt zich op het oplossen en wegspoelen van de pussige uitvloeiing, het tegengaan van eventuele infecties en de ontsteking met een antibioticumhoudende oogzalf, het stimuleren van de traanproduktie met cyclosporine zalf of druppels en eventueel het frequent toedienen van kunsttranen.


Distichiasis
Franse Bulldoggen, en honden in het algemeen, hebben geen wimpers zoals de mens, ook niet op de bovenste rand van het ooglid. De haartjes die daar, op die bovenste ooglidrand te zien zijn, vervullen wel de functie van een wimper, maar ze staan één millimeter van de eigenlijke rand van het ooglid af.
Go to Top
In het geval van Distichiasis groeien er enkele haren of staan er één of meer rijen haren op de rand van het ooglid. Hierdoor wordt het hoornvlies chronisch geïrriteerd. De mate waarin hangt af van de stand van de haartjes; hoe meer ze op de oogbol gericht zijn, hoe ernstiger het is.
De gevolgen van die irritatie kunnen uiteenlopen van het produceren van extra traanvocht, het vormen van traanstrepen, het samenknijpen van de ogen tot aan het beschadigen van het hoornvlies.

Normale ooglidrandOoglidrand met distichiasis (oranje gemarkeerd)

De haartjes zijn moeilijk met het blote oog waar te nemen. Het slijmpropje dat zich vaak aan de basis van een haartje bevindt is meestal wel goed te zien. De eenvoudigste remedie is het regelmatig epileren van de haartjes. Zo kan meteen worden bekeken of die inderdaad de oorzaak zijn van de irritatie.
Definitief verwijderen kan ook door de haarzakjes onder algehele narcose weg te branden; een nauwkeurig werkje omdat beschadiging van de rand van het ooglid en littekenvorming moet worden voorkomen. De vooruitzichten hierbij zijn gunstig. Wel komt het voor dat tijdens de eerste behandeling niet alle haarzakjes zijn weggebrand, bijvoorbeeld omdat er nog geen haartje uitgroeide.

Distichiasis wordt beschouwd als een erfelijke afwijking. De wijze van overerving is daarbij nog niet helemaal duidelijk; vermoedelijk is die meervoudig. Lijders kunnen beter van de fokkerij uitgesloten worden.
Go to Top

Conjunctivitis
Conjunctivitis is een ontsteking van het vlies dat de binnenkant van de oogleden en de oogbol bedekt (behalve het doorzichtige hoornvlies). Beide zijden van het derde ooglid worden ook door dit vlies bedekt. Conjunctivitis kan een acute of een chronische aandoening zijn van één of beide ogen.

Symptomen:
  • Een of beide ogen zijn rood.
  • Verhoogde traanproductie of “huilen”.
  • Vaker knipperen.
  • Afscheiding uit de ooghoek (deze kan waterig, maar ook dik en kleverig zijn).
  • Halfgesloten oogleden.
  • De hond krabt in zijn ogen of wrijft met zijn kop over de grond in een poging te irritatie te verlichten.

Preventie:
Je kunt conjunctivitis bij je hond voorkomen door elke dag voorzichtig de afscheiding uit de ooghoeken te verwijderen met een vochtig watje of oogdoekje. Het is verstandig om je hond uit de buurt van andere honden te houden om besmetting met acute conjunctivitis te voorkomen.

Behandeling:
  • Antibiotische oogzalf of druppels.
  • Ontstekingsremmende oogzalf of druppels.
Dwarsdoorsnede van een hondenoog

Derde Ooglid - Cherry eye
De Franse Bulldog (honden), katten en nog enkele andere diersoorten hebben een derde ooglid, het vlies dat zichtbaar is langs de neuskant van het oog. Een T-vormig stukje kraakbeen vormt als het ware het skelet van dit ooglid. De basis van dit kraakbeen is omgeven door een traanklier, het derde ooglidklier. In een normale positie is deze klier niet zichtbaar, ze wordt door een soort bindweefsel op haar plaats gehouden onderaan de oogbol.


Cherry eye bij een hondProlaps of uitpuilen van deze klier zien we geregeld bij bepaalde honden- rassen o.a. bij de Cocker Spaniel, Boston Terriër, Engelse Bulldog en Mastino Napolitano. Bij poezen komt het veel minder voor, en dan vooral bij de Burmees. De uitpuilende klier is rood, gezwollen en zichtbaar aan de vrije rand van het derde ooglid. Omwille van de gelijkenis met een kriek spreekt men van een cherry eye. Meestal is er wat meer slijmerige uitvloei aan dat oog. Na het aanbrengen van een lokaal anestheticum is het soms mogelijk om de klier tijdelijk terug op zijn plaats te krijgen door met een pincet aan de vrije boord van het derde ooglid te trekken.
Go to Top

Een andere mogelijkheid is het wegnemen van een deel of de gehele klier. Omdat de klier ook een rol speelt bij de traanproductie wordt dit ten stelligste afgeraden, het beste is deze klier volledig te sparen. Dit gebeurt door ze chirurgisch vast te zetten hetzij tegen de binnenkant van de oogkas, aan een extraoculaire spier of aan de sclera (het witte omhulsel van de oogbol). Een andere ingreep omvat het terug weghechten van de klier onder het slijmvlies van het derde ooglid (techniek van Morgan).

Cherry eye VOOR chirugieCherry eye NA chirugie

Cherry eye kan verward worden met een eversio van het kraakbeen van het derde ooglid, in dat laatste geval is de vrije rand van het derde ooglid naar buiten omgeklapt. Er is dan echter geen klier zichtbaar. De behandeling bestaat uit het chirurgisch verwijderen van het omgekrulde stukje kraakbeen doorheen een klein sneetje in het overliggende slijmvlies.

Omgeklapt kraakbeen van derde ooglid bij Deens DogChirurgisch verwijderd stukje omgeklapt kraakbeen van dezelfde Deense dog

Tot slot moet nog vermeld worden dat de derde ooglidklier ook tumorale veranderingen kan ondergaan en daardoor vergroot en gaat uitpuilen. Deze tumor mag men niet verwarren met een cherry eye.
Go to Top

Lensextractie en Lensimplant
Als uw huisdier troebele lenzen krijgt dan begint hij/zij eerst wat wazig te zien. Breidt de witting uit in beide ogen, dan leidt dit tot blindheid. Bij oudere dieren zien we soms een witblauwige schijn in het midden van de lens. Dit kan een nucleaire sclerose zijn en geen echt cataract. De dierenarts kan met bepaalde instrumenten het onderscheid tussen deze 2 aandoeningen maken.

Indien het netvlies nog normaal werkt, dan kan worden overwogen om 1 of beide troebele lenzen te verwijderen tijdens een chirurgische ingreep. Ook suikerzieke patiënten die lenstroebelingen ontwikkelden, kunnen in aanmerkingen komen voor een operatie. Op voorwaarde dat hun suikerspiegel met insuline-injecties goed geregeld is.

De ingreep gebeurt steeds onder volledige verdoving. Twee technieken kunnen worden gebruikt om de lens te verwijderen.Ofwel doorheen een grote insnede in het oog langswaar de lens in zijn geheel verwijderd wordt, de medische term hiervoor is een extracapsulaire lensextractie. Ofwel dmv phaco-emulsificatie, waarbij de troebele lens in kleine stukjes wordt getrild (ongeveer 20000 trillingen per seconde). Die worden dan opgezogen worden door een speciaal toestel. Het grote voordeel van deze techniek is dat er maar 1 of 2 kleine openingen worden gemaakt aan de rand van het hoornvlies.
Bij beide ingrepen wordt meestal gebruik gemaakt van een operatiemicroscoop om alle oogstructuren voldoende vergroot te zien.

Tegenwoordig bestaan er ook speciale implantlenzen voor de hond. Het grote voordeel van deze lenzen is dat de patiënt een bijna normaal gezichtsvermogen heeft na de chirurgie.

Kunstlenzen van een hond

Na de ingreep is het noodzakelijk om nog voldoende lang (minimum 3 tot 6 maanden) oogdruppels en/of -zalven te gebruiken.
Go to Top

Normale variatie van de oogfundus
Het diepste gedeelte van het oog, dat we kunnen bekijken als we doorheen een pupil van de Franse Bulldog kijken, noemen we de fundus. Er bestaat een heel grote variatie in het uitzicht van dit gebied.
Er bestaat een verband tussen de oogkleur (kleur van de iris) en de kleur van de fundus. Ook zien we verschillen afhankelijk van o.a. vachtkleur en grootte van hond.
Om een goed oogonderzoek te kunnen uitvoeren, moeten we er eerst voor zorgen dat de pupil goed open staat. Daarom gebruiken we eerst een pupilverwijdende oogdruppel. Na ongeveer 15-20 minuten is het product werkzaam. De voornaamste structuren die we onderscheiden in de fundus zijn een donker gebied (bruin of grijzig), een feller gekleurd gebied (geel, groen, oranje of blauwig), bloedvaten en de uitmonding van de oogzenuw in het oog.

De fundus van een pup van enkele weken oud, ziet er anders uit dan die van een 4 maand oude hond.

Purpere fundus bij een puppy (7wkn)Fundus van een volwassen hond

Honden met een merle vachtkleur hebben meestal een erg rood lijkende fundus. Dit komt omdat ze bijna geen pigment in de diepte van de oogbol hebben. Deze rode schijn in de pupil zien we o.a. bij de Collie, Sheltie, Border Collie, Cardigan Welsh Corgi, harlequin Deense Dog en Australische Herder met de merle kleur. Bij de chocolade of leverkleurige honden zien we in een deel van de fundus een rood-bruinige schijn, o.a. bij de bruine Miniatuur Poedel en de chocoladekleurige Labrador.

Soms lijkt het dat de uitmonding van de oogzenuw in de oogbol (papil genaamd) bij sommige honden veel groter is dan bij andere. Dit wordt bepaald door de aanwezigheid van een stof rond de oogzenuw die we myeline noemen. In de vorm van de papil bestaat er ook veel variatie, o.a. rond, driehoekig of onregelmatig. De kleur kan wit of rozig zijn.

We onderscheiden 2 soorten bloedvaten in de fundus. De dikkere, donkere worden venulen genoemd. De fijnere, die talrijker zijn in aantal en lichter van kleur, zijn de arteriolen.

Omdat er zo een grote variatie bestaat in het uitzicht van de fundus is het dus belangrijk te weten wat normaal is, om nadien afwijkingen te kunnen vaststellen.
Go to Top

Pannus
Pannus is een aandoening van het hoornvlies (cornea). Een andere benaming ervoor is Uberreiter’s syndroom of keratitis vasculosa et pigmentosa. Vooral bij Duitse Herders, verwante rassen en kruisingsproducten komt het voor. Toch zien we de aandoening ook wel eens bij andere rassen zoals de Husky en de Border Collie.

Symptomen
De letsels zijn beiderzijds maar beide ogen zijn niet noodzakelijk identiek aangetast. We onderscheiden 4 stadia in het verloop van de aandoening.

  • Het eerste stadium is de pannus tenuis: er is een witte waas, vooral in het laterale deel van het hoornvlies (dit is het deel van het hoornvlies tegenovergesteld aan de neuskant). Deze witting is het gevolg van het infiltreren van cellen.
  • In het tweede stadium, pannus vasculosus, groeien er ook bloedvaten in het hoornvlies. Ook een beetje pigment, donkerbruin tot zwart, migreert in het hoornvlies.
  • Het derde stadium, pannus en epaulette, wordt gekenmerkt door een verheven roos weefsel, (fibrovasculair weefsel) in het hoornvlies, vergezeld van pigment.
  • Het laatste stadium tenslotte, is pannus siccus. Dan treedt er vooral littekenvorming op. Blindheid is mogelijk als veel pigment en littekenweefsel het hoornvlies volledig ondoorzichtig maken.

De aandoening komt even vaak voor bij reuen als bij teven. De leeftijd van voorkomen varieert tussen 3 en 6 jaar, soms zelfs pas op 9 jaar. De juiste oorzaak is nog niet volledig bekend, maar UV licht zou mogelijk een rol spelen bij het ontstaan van deze aandoening.

Pannus kan niet definitief genezen worden , maar wel onder controle gehouden worden. Na oogonderzoek door de dierenarts kan begonnen worden met oogzalven of –druppels, die cortisone bevatten. Soms wordt er ook een depootje cortisone onder het slijmvlies van de oogbol gespoten. Bestraling en bevriezing zijn andere mogelijkheden. Als het hoornvlies compleet ondoorzichtig geworden is, dan helpt alleen nog het chirurgisch weghalen van het buitenste deel van het hoornvlies. Snel nadien moet echter weer opnieuw met een lokale behandeling herbegonnen worden.

Momenteel is er een nieuw product op de markt, ciclosporine, dat goede resultaten geeft voor het onderdrukken van de pannusvorming.
Go to Top

TraanafvoerTranende ogen
Traanafvoer is een complex proces. Bij de hond en de kat komen de tranen via 2 traanpunten (dit zijn spleetvormige openingen die gelegen zijn juist achter de bovenste en onderste ooglidrand) terecht in 2 kleine kanaaltjes (canaliculi). Deze monden op hun beurt uit in een groter kanaal (nasolacrimaal kanaal) dat eindigt ten hoogte van het neusgat (neuspunt).





Controle traanafvoer m.b.v. fluorescineDoor een kleurstof (fluoresceïne) aan te brengen op de oogbol kan getest worden of de traanafvoerweg normaal doorgankelijk is. In dat geval is de kleurstof na enkele minuten zichtbaar aan de neusgaten. Verschijnt er geen kleurstof dan is het mogelijk dat er een probleem is ten hoogte van de traanpunten. Deze punten kunnen volledig afgesloten zijn door een vliesje, dan spreekt men van niet-geperforeerde punten. Ook is het mogelijk dat de punten te klein zijn, dan gebruikt men de term micro-punten. Bij deze honden zien we dan vaak bruine traanstrepen tussen de binnenste ooghoek en de richting van het neusgat.



Vooral afwijkingen aan de onderste traanpunten veroorzaken tranende ogen. Deze afwijking komt bij bepaalde rassen meer voor, o.a. bij de Golden Retriever en bij de Cocker. Ook bij de Dandie Dinmont Terrier werden ze vastgesteld. De behandeling bestaat uit het openen of vergroten van deze punten onder volledige verdoving. Erna gebruikt men een tiental dagen een oogzalf met een antibioticum en corticoïd erin om vergroeiingen te voorkomen.

Naast onvoldoende afvoer van tranen zijn er nog andere mogelijke oorzaken van tranende ogen: het verstopt zijn van een ander deel van de afvoerweg door een vreemd voorwerp zoals een grasaar, of door vb. een gezwel uitgaande van de neusholte komt voor.

Overproductie van tranen komt ook voor, door irritatie van haren die tegen de oogbol wrijven, door entropion (omkrullende oogleden). In deze gevallen wordt het probleem verholpen door het verwijderen van deze haren of door het uitvoeren van een chirurgie

Een degelijk oogonderzoek uitgevoerd door de dierenarts is noodzakelijk om te kunnen besluiten of er iets kan gedaan worden aan tranende ogen.
Go to Top

Afsluiting van de traanpunten
Afsluiting van de traanpunten heet voluit Atresia Puncta Lacrimalis.
Hierbij zijn de traanafvoerpuntjes afgesloten of ontbreken helemaal zodat het traanvocht niet via de natuurlijke weg afgevoerd kan worden. Normaal gaat dit via de traanafvoerbuisjes naar de neus; uiteindelijk wordt het traanvocht doorgeslikt. Het gevolg van een afsluiting is dat het traanvocht zich in de binnenste ooghoek ophoopt en daar over de rand van het onderste ooglid overloopt. Zo ontstaat een donkere, bruin verkleurde traanstreep.

Franse Bulldoggen, en honden in het algemeen, die aan deze afwijking lijden, kunnen eraan geopereerd worden. Daarbij wordt onder algehele narcose geprobeerd om in de binnenste ooghoek een nieuw gaatje aan te brengen zodat het traanvocht alsnog afgevoerd kan worden. Meestal brengt de dierenarts een slangetje aan dat ervoor moet zorgen dat het gaatje gedurende de eerste weken open blijft en ook daarna niet meer dichtgroeit.

Afsluiting van de traanpunten is waarschijnlijk een meervoudig overervende afwijking. Hierbij spelen verschillende erfelijke factoren en mogelijk ook bepaalde uitwendige omstandigheden een rol.
Daardoor is moeilijk aan te geven volgens welk patroon deze afwijking vererft. Het verdient daarom aanbeveling om lijders aan Atresia Puncta Lacrimalis niet voor de fokkerij te gebruiken.


Traanstreepvorming
Traanstreepvorming vanuit de ooghoek kan optreden als er langere tijd te veel traanvloeistof gevormd wordt of er sprake is van problemen in de normale afvoerwegen van het traanvocht.

Diagnostiek
Met behulp van een kleurstof (fluorescine) kan bepaald worden of de traanafvoerbuizen voldoende functioneren (afvoer naar de neus) of dat de oorzaak van de traanstreepvorming in een overmatige traanproductie ligt.

Oorzaken/therapie
Overmatige productie van traanvocht wordt meestal verooraakt door irritatie (bv. door haren rond de ogen, stof) en ontsteking. De behandeling bestaat uit het wegnemen van de irriterende bron.

Problemen in de traanafvoerwegen, vernauwingen of totale afsluiting van traanafvoerpunten in de oogleden of in de afvoerbuisjes kunnen aangeboren of verkregen (na ontstekingen, meestal in samenhang met ontstekingen van het bindvlies) zijn. Vernauwde traanafvoerpunten zijn soms op te rekken, verstoppingen van afvoerbuizen kunnen vaak doorgespoeld worden. Bij afwezigheid van (delen) van het traanafvoersysteem of ernstige verklevingen hierin kan, afhankelijk van de ernst van de klachten cq. de hinder die de patiënt hiervan ondervindt, gekozen worden voor het onder algehele anesthesie nieuw aanleggen van een andere afvoerroute.
Go to Top

Glaucoom
Glaucoom is een aandoening van de voorste oogkamer. Er is sprake van een verhoogde druk in de oogbol en kan aan één oog maar ook aan beide ogen ontstaan. Als de druk in de oogbol blijft toenemen, neemt de oogbol in omvang toe en dat is dan duidelijk te zien. Blijft de druk in de oogbol toenemen, dan heeft het dier hier veel pijn aan en kan zelfs blind worden. De blindheid ontstaat dan door beschadiging tengevolge van glaucoom aan hoornvlies, lens, netvlies en de oogzenuw. De verhoogde druk ontstaat, doordat het oogwater niet kan afvloeien. Wanneer er sprake is van een chronisch verhoogde oogboldruk, dan gaat het gezichtsvermogen achteruit en vallen delen van het gezichtsveld uit. Bij een acute vorm van glaucoom is er vooral een heftige ontsteking met roodheid vast te stellen, de pupil is verwijd en er kan misselijkheid met braken optreden.

Het spreekt voor zich dat glaucoom direct behandeld dient te worden en het liefst al in het beginstadium, zodat verdere beschadiging aan het oog voorkomen kan worden. Een dierenarts zal in de meeste gevallen gebruik maken van ontwateringmiddelen en oogdruppels om de druk te verlagen en soms de pupil vernauwen. In bepaalde gevallen zal er geopereerd worden en een kleine inkeping boven de iris of in het oogwit gemaakt wordt, waardoor het overtollige oogwater kan afvloeien. Gelukkig is dit in de meeste gevallen niet nodig, want Moeder Natuur heeft ervoor gezorgd om ook glaucoom op een natuurlijke manier te kunnen genezen.
Ga niet zelf dokteren bij een dier met glaucoom en roep hierbij professionele hulp in, dit geldt overigens voor vrijwel alle hierboven beschreven oogaandoeningen!


Ter afsluiting
De ogen van de Franse Bulldog, en huisdieren in het algemeen, zijn een kostbaar bezit.Blijf niet te lang zelf dokteren maar raadpleeg een dierenarts als er problemen zijn.Hierboven hebben wij geprobeerd uit te leggen wat de meest voorkomende aandoeningen zijn aan de ogen.

Ga altijd naar een dierenarts bij:

  • Rode oogleden
  • Voortdurende tranende ogen
  • Afkerig zijn van fel licht (de Franse Bulldog gaat zich verschuilen)
  • Uitpuilende ogen
  • Verkleuring van het oog (melkachtig e.d.)
  • Gezwollen oogleden
  • Afscheiding uit de ogen die ruikt of plakkerig is
  • Veelvuldig knipperende ogen
  • Half open ogen

Voor wat betreft het gebruik van oogwater en medicijnen:

Op medische vlak is er bijna geen verschil in het oogwater wat gebruikt wordt voor mensen en voor dieren, je kunt dit dan ook gewoon gebruiken.

Met medicijnen en oogzalf zou ik echter niet gaan experimenteren, want voor mensen bevatten deze doorgaans een hogere dosering dan dierenmedicijnen. Ook al wordt door veel websites en boeken geschreven dat er ook hier geen verschil in zit, zouden wij hier toch voorzichtiger mee zijn.

Overleg daarom altijd met uw dierenarts of u het middel kan gebruiken voor uw Franse Bulldog
Go to Top


<< Vergiftiging bij honden - Oververhitting bij honden >>

Gezondheid & verzorging